Commissie leest in sociale visies weinig om op tegen te zijn

Commissie leest in sociale visies weinig om op tegen te zijn

23 januari 2026 – De commissie Sociaal Domein en Wonen besprak donderdag 22 januari drie inhoudelijke visies die richting moeten geven aan het Delftse beleid in de komende jaren: de Regiovisie aanpak huiselijk geweld Haaglanden vanaf 2026, de Delftse visie op de sociale basis en de visie Spelen, Ontmoeten en Bewegen in de Openbare Ruimte. In de commissie was er brede steun voor de ambities, maar fracties vroegen herhaaldelijk om scherpte op uitvoering, financiën en de manier, waarop de raad grip houdt op het vervolg.

De Regiovisie aanpak huiselijk geweld Haaglanden vanaf 2026 beschrijft onder meer dat de centrumgemeenten Delft en Den Haag met geld van het Rijk hulp en opvang bieden aan slachtoffers van huiselijk geweld en dat de komende jaren extra werk wordt gemaakt van voorlichting, preventie en het vroeg signaleren van huiselijk geweld om erger zoals femicide (vrouwenmoord) te voorkomen.

Kritische noten

Namens de 297 ondertekenaars van een open brief aan de burgemeester herhaalde een inspreker de oproep uit die brief om in Delft een centraal meldpunt voor huiselijk geweld in te stellen. Ook kraakte zij kritische noten over de hulp en zorg voor slachtoffers die volgens haar tekortschiet door te weinig menskracht en te weinig deskundigheid bij de hulpverleners.

In het debat werd voornamelijk positief door de fracties gereageerd op de regiovisie. Wethouder Karin Schrederhof kreeg wel diverse aandachtspunten mee die herhaaldelijk door partijen werden genoemd, zoals preventie en het nog eerder herkennen van huiselijk geweld. Bijvoorbeeld als er geldzorgen in een gezin zijn, dan kan dat volgens GroenLinks aanleiding zijn om extra alert te zijn. STIP zou graag zien dat in de visie ook het geweld onder huisgenoten die geen familie zijn een plek krijgt. Net als STIP sprak de PvdA haar zorg uit dat door bezuinigingen het voorkomen van huiselijk geweld onder druk komt te staan.

Aantallen

Hart voor Delft vroeg wethouder Schrederhof op om de regioaanpak niet na twee jaar, maar al na één jaar te evalueren en dat ook te doen met de lokale aanpak tegen huiselijk geweld. Die rapporten moeten volgens Hart voor Delft leesbaar zijn; geen percentages, maar aantallen. De ChristenUnie benadrukte dat de aanpak vooral moet draaien om veiligheid van slachtoffers. De fractie vroeg hoe geborgd wordt dat professionals voldoende handelingsruimte hebben en hoe wordt voorkomen dat mensen verdwalen tussen loketten.

Huiselijk geweld is volgens de VVD een onwijs ingrijpende vorm van onveiligheid. De fractie wilde van de wethouder weten of er wordt nagedacht over een centraal meldpunt. Ook de CDA-fractie benoemde de financiën als een punt van zorg en vroeg de wethouder in de lokale aanpak niet te veel af te wijken van de regionale aanpak. Wat Volt betreft mag die lokale aanpak wat minder abstract dan de regioaanpak en de SP wees op de gemeente Tilburg waar ook met de daders in gesprek wordt gegaan om herhaling te voorkomen. Volgens D66 moet er ook meer aandacht zijn voor scholen en opvoeders in de aanpak tegen huiselijk geweld.

Ervaringsdeskundigen

Wethouder Schrederhof verduidelijkte dat na de regiovisie de gemeente aan de slag gaat met een lokale aanpak tegen huiselijk geweld. Ze verzekerde de commissie dat daarbij niet alleen hulp- en zorginstanties zijn betrokken, maar dat ook gesproken wordt met ervaringsdeskundigen om te komen tot een effectieve aanpak. Een centraal meldpunt noemde de wethouder niet, maar ze vergeleek dat met de huidige werkwijze waarbij meldingen binnenkomen bij een klein team van samenwerkende organisaties.

De wethouder beloofde Hart voor Delft met haar regiocollega’s te kijken of er na een jaar geëvalueerd kan worden. Voor de lokale aanpak wil de wethouder dat sowieso gaan doen. Daarnaast wees Schrederhof de SP erop dat ook in Delft met de plegers van huiselijk geweld in gesprek wordt gegaan.

De wethouder verzekerde STIP dat de aanpak tegen huiselijk geweld ook geldt voor studentenhuizen en huisgenoten die geen familie van elkaar zijn. STIP benadrukte dat graag in de visie verwoordt te zien. De fractie kondigde aan daarover een motie voor te bereiden. Dat betekent dat de gemeenteraad in de vergadering op donderdag 29 januari verder praat over dit onderwerp.

Sociale basis

Een andere visie waarover in deze vergadering werd gesproken, is de Visie sociale basis Delft 2025 2035 ‘Iedereen doet mee. Samen zijn we de sociale basis’. Het college stelt in deze visie voor om het sociaal domein minder te laten draaien om zwaardere zorg en individuele trajecten, en meer om preventie, ontmoeting, ondersteuning en samenleven in de wijk.

In Delft betekent dit dat voorzieningen, netwerken en laagdrempelige ondersteuning belangrijker worden, omdat de druk op zorg en jeugdhulp groeit en de arbeidsmarkt in het sociaal domein krap blijft. Voor de commissie was dit onderwerp daarom nadrukkelijk ook een governance-vraag: hoe wordt deze visie concreet, welke partners doen mee en hoe wordt het uitvoerbaar?

GroenLinks sprak waardering uit voor de visie en voor het participatieproces dat eraan voorafging. Tegelijk gaf de fractie aan dat inwoners en organisaties weinig hebben aan alleen een richtinggevend document als er geen concreet vervolg op komt. GroenLinks drong er daarom op aan dat het college snel duidelijk maakt welke stappen volgen, hoe partners betrokken worden en hoe zichtbaar wordt wat de gemeente in 2026 en 2027 precies gaat doen. Het CDA liet weten al jaren te pleiten voor gemeenschapszin en steunt daarom het idee dat de gemeente sociale netwerken en voorzieningen in de wijk kan versterken, maar vroeg hoe Delft voorkomt dat dit in de praktijk leidt tot een stilzwijgende verschuiving: minder professionele ondersteuning en meer druk op familie, vrijwilligers en buurtnetwerken. De fractie wilde daarnaast weten hoe de visie zich verhoudt tot andere beleidsstukken, omdat het aantal kaders in het sociaal domein volgens het CDA groot is en het risico bestaat dat het voor uitvoerders én raad onoverzichtelijk wordt.

De ChristenUnie stelde dat samenleven uiteindelijk niet door de gemeente wordt “gemaakt”, maar door inwoners zelf. Juist daarom vroeg de fractie om terughoudendheid in sturing en om aandacht voor de voorwaarden: steun voor mantelzorgers, ondersteuning van vrijwilligers en realistische verwachtingen richting maatschappelijke organisaties. In dat kader vroeg de ChristenUnie het college om concreet te kijken naar vormen van waardering en ondersteuning, waarbij ook het mantelzorgcompliment werd genoemd als mogelijkheid die opnieuw bezien kan worden. STIP riep het college kernachtig op om het beleid merkbaar in buurten en voor jongeren te maken. Volgens STIP moet de gemeente daarbij niet blijven hangen in algemene formuleringen, maar laten zien waar in Delft de eerste concrete stappen worden gezet.

De VVD steunt de gedachte dat preventie en ontmoeting belangrijk zijn, maar waarschuwde dat de gemeente helder moet zijn over haar rol. Volgens de VVD moet Delft voorkomen dat zij steeds meer verantwoordelijkheden naar zich toetrekt zonder dat daar middelen en capaciteit tegenover staan. De fractie vroeg daarom om duidelijke prioriteiten: waar zet Delft op in en waar ook bewust niet? D66 zei content te zijn met uitgangspunten in de visie als zelfregie en zelfredzaamheid. D66 gaf aan scherp te blijven op de vertaling van mooie woorden naar effectieve daden.

De PvdA wees, net als andere fracties, onder meer op de reorganisatie van Delft voor Elkaar. De welzijnsuitvoerder is per 1 januari vervangen door Delft Welzijn BV. Van minder zorg, naar meer preventie vraagt volgens de PvdA niet alleen om een andere organisatie, maar ook om een andere cultuur. Dat standpunt deelt Hart voor Delft. Die fractie zei de uitgangspunten van ontmoeten, ontspannen, ontplooien en ondersteunen in het beleid te onderschrijven. Maar tegelijkertijd had Hart voor Delft ook graag een evaluatie gezien van wat er tot nu toe goed en misging in het lokale welzijnsbeleid.

Volgens de SP kan de gemeente wat leren van de achtergestelde Delftenaren die in hun eigen buurt hun eigen boontjes wel doppen. Volt zei met spanning uit te kijken naar de uitwerking van de visie in concrete acties.

De wethouders Schrederhof en Joëlle Gooijer legden uit dat de visie past bij de beweging in het sociaal domein waarin minder vanuit vaste subsidie-indicatoren wordt gewerkt en meer vanuit samenwerking en vertrouwen. Op vragen rond mantelzorgers zegde het college toe om met Delft voor Elkaar in gesprek te gaan over de manier waarop mantelzorgondersteuning het beste vorm kan krijgen en hoe die eventueel verbeterd kan worden.

Geen van de fracties zag na het debat aanleiding om bij dit voorstel een motie of amendement aan te kondigen, zodat dit in de komende raadsvergadering als hamerstuk wordt vastgesteld.

Visie SOB

Het voorstel Visie Spelen, Ontmoeten en Bewegen (SOB) in de Openbare Ruimte kwam in de commissie aan bod, omdat de openbare ruimte niet alleen een ruimtelijk thema is, maar ook een sociaal vraagstuk. In wijken waar inwoners elkaar minder vanzelfsprekend ontmoeten, kan de inrichting van pleinen, groen en speelplekken bijdragen aan gezondheid en sociale samenhang. Tegelijk is ruimte in Delft schaars, en moeten keuzes worden gemaakt tussen wonen, parkeren, mobiliteit, groen en voorzieningen. Fracties wilden daarom vooral weten hoe het college prioriteert en hoe de raad betrokken blijft bij de keuzes die daaruit volgen.

Volt liet weten blij te zijn met deze langverwachte visie en sprak lovend over het feit dat bewoners mogen meepraten over de inrichting van hun buurt. Volt constateerde dat er in het algemeen in visies weinig is terug te lezen over financiën en met betrekking tot deze visie zei de fractie teleurgesteld te zijn dat  urban sports nauwelijks aandacht krijgen. GroenLinks vroeg aandacht voor onder meer sociale inclusie van speel- en ontmoetingsplekken. SP riep jongeren op minder naar schermen te kijken, naar buiten te gaan om elkaar te ontmoeten. D66 zou graag zien dat de visie wordt uitgewerkt in samenhang met andere opgaven zoals het sociaal domein en het gezondheidsbeleid.

Volgens STIP gaat het bij spelen en ontmoeten niet alleen om voorzieningen neerzetten, maar om het samen maken van plekken waar inwoners zich welkom voelen. Het CDA sprak waardering uit voor de visie en liet weten uit te kijken naar de uitwerking. Daarin moeten wat de ChristenUnie ook de oevers van de Schie een plek krijgen. Ook Hart voor Delft, PvdA en VVD oordeelden positief over de visie, waarbij Hart voor Delft opmerkte graag meer had gelezen over de beschikbare financiële middelen.

Wethouder Schrederhof gaf aan dat de visie vooral richting geeft en dat de uitwerking volgt via concrete projecten en prioriteiten. Dat plan volgt later dit jaar in de vorm van een voorstel. Urban sports krijgen ook daarin een plek, net als toegankelijkheid en inclusie. Daarnaast verzekerde de wethouder dat in het implementatieplan duidelijk komt te staan welke plekken waar wel en niet mogelijk zijn en wat ze kosten.

Volt vroeg andere fracties mee te denken over een amendement of motie over de financiën en de aandacht voor urban sports in deze visie. Het voorstel Visie Spelen, Ontmoeten en Bewegen (SOB) in de Openbare Ruimte is toegevoegd aan de bespreekagenda van de raadsvergadering op donderdag 29 januari.

Soa-testen

Tijdens de vergadering werd ook kort gesproken over de toegankelijkheid van soa-testen en spreekuren. STIP, PvdA en GroenLinks benadrukten dat laagdrempelige toegang belangrijk is om gezondheidsproblemen vroeg te signaleren en verspreiding te voorkomen. Daarbij werd gevraagd hoe de beschikbaarheid en bereikbaarheid zijn geregeld en of inwoners voldoende snel terechtkunnen. Wethouder Schrederhof lichtte toe dat dit onderwerp wordt bekeken binnen de publieke gezondheidszorg en in overleg met partners zoals de GGD. STIP overweegt een motie in de komende raadsvergadering.

Kijk de commissievergadering terug

Geen gebrek aan visies in Sociaal Domein en Wonen

20 januari 2026 – De commissie Sociaal Domein en Wonen bespreekt in de oordeelsvormende vergadering op donderdag 22 januari onder meer het voorstel Regiovisie ‘Aanpak huiselijk geweld Haaglanden voor de periode 2026 en verder’. De vergadering begint om 19.30 uur en wordt gehouden in de raadszaal in het stadhuis op de Markt.

Deze nieuwe visie beschrijft hoe de maatschappelijke en zorginstanties, politie, justitie en de gemeenten in de regio Haaglanden samenwerken om huiselijk geweld te voorkomen, te herkennen en te stoppen.

Een ander voorstel waarover de commissie de gemeenteraad moet adviseren, is de Visie sociale basis Delft 2025-2035 ‘Iedereen doet mee. Samen zijn we de sociale basis’. In deze visie geeft de gemeente richting hoe we in Delft met elkaar willen samenleven en ervoor willen zorgen dat iedereen kan blijven meedoen.

De derde visie die het college in deze vergadering aan de commissie voorlegt, is Spelen, Ontmoeten en Bewegen in de openbare ruimte. De laatste jaren had Delft geen integraal beleid meer op dit terrein. Deze visie moet daar verandering in brengen. Het beleid moet ervoor zorgen dat de stad zo is ingericht dat Delftenaren van alle leeftijden, met of zonder beperking, graag naar buiten gaan om te spelen, te bewegen of elkaar te ontmoeten.

Verder bespreekt de commissie op verzoek van de fracties van STIP, PvdA en GroenLinks de antwoorden van het college op schriftelijke vragen van STIP en PvdA over SOA-testen en spreekuren.

Wilt u inspreken? Dan kunt u zich tot op de dag van de vergadering tot 12.00 uur aanmelden via griffie@delft.nl. U kunt bij de vergadering in de raadszaal aanwezig zijn. Thuis rechtstreeks of achteraf bekijken kan via de webcast.

Agenda en uitzending commissie Sociaal Domein en Wonen