... Actueel Fracties delen zorgen begeleiding statushouders

Fracties delen zorgen begeleiding statushouders

Dit item is verlopen op 20-05-2018.
20 april 2018 – In de vergadering van de commissie Algemeen op donderdag 19 april hun zorgen geuit over de begeleiding van statushouders naar de reguliere voorzieningen. Die intensieve begeleiding duurt in Delft een half jaar. Diverse fracties pleitten ervoor om die periode met een half jaar te verlengen.

Dat deden ze bij de bespreking van de halfjaarrapportage programma statushouders dat door GroenLinks, STIP en ChristenUnie op de agenda was gezet. In dit rapport schetst het college hoe het in Delft gaat met de huisvesting en integratie van en de taaleducatie voor statushouders. Met de huisvesting gaat het prima. In 2017 werden meer dan 160 asielzoekers met een verblijfsvergunning gehuisvest en in 2018 zijn al 61 statushouders gehuisvest, terwijl Delft van het rijk voor in totaal 77 mensen een huis moet vinden. De meeste partijen spraken daar hun waardering over uit.

Inspreker Johan Overdevest van het Platform Welkom in Delft vertelde de commissie dat op papier de uitstroom van statushouders naar reguliere voorzieningen prima verloopt. De praktijk is volgens Overdevest anders. Statushouders dreigen weg te zinken in hun problemen met het leren van de taal, het vinden van werk, gemeentelijke belastingen, het afbetalen van schulden voor taallessen en gezondheidsproblemen. Het platform zou de begeleiding willen verlengen tot een jaar en wil ook dat de statushouders die niet meer begeleid worden in beeld blijven en niet aan hun lot worden overgelaten.

Zijn woorden vonden gehoor bij GroenLinks en ChristenUnie die eveneens pleitten voor een standaard begeleidingsperiode van een jaar. STIP bepleitte meer maatwerk. Wethouder Raimond de Prez wees de commissie op het debat over de huisvesting van statushouders dat toen op veel steun kon rekenen. Hij weersprak dat de cijfers op papier en in de praktijk heel anders waren. Ook is er volgens de wethouder al sprake van maatwerk, omdat per individu wordt bekeken wat nodig is aan begeleiding en of verlenging met een half jaar noodzakelijk is. De wethouder beloofde de commissie dat in de volgende voortgangsrapportage ook de informatie van Participe en Werkse! wordt opgenomen om meer inzicht te geven in de situatie na de zes maanden begeleiding.

De SP kon hij daarmee niet overtuigen. Die fractie kondigde een motie voor meer maatwerk en een standaard begeleidingsperiode van een jaar. De SP zei ook moeite te hebben het traject van eerst inburgeren en daarna pas mogen werken. Het CDA hekelde de logistiek van het inburgeren. Die fractie zou liever zien dat vluchtelingen eerst twee of drie maanden op adem kunnen komen en professionele hulp krijgen om daarna aan de integratie te beginnen. Nu moeten mensen volgens het CDA ‘direct van de boot’ gaan inburgeren, terwijl ze daar niet aan toe zijn. Ook de ChristenUnie was niet overtuigd door de reactie van de wethouder. Die partij neemt het rapport mee terug naar de fractie. Omdat de SP overweegt een motie in te dienen wordt de rapportage in de raadsvergadering op dinsdag 24 april verder besproken.

Ambassadeurs

De antwoorden van het college op vragen van STIP en de ChristenUnie over de omzettingsvergunning die de Delftse woningvoorraad moet reguleren, waren aanleiding voor die fracties en voor D66 om hun zorgen in de commissie te delen over de invoering van deze vergunning. De regulering moet onder meer voorkomen dat er te veel woningen in Delft veranderen in studentenwoningen met mogelijke overlast als gevolg. Om die overlast op voorhand uit te sluiten zouden ambassadeurs worden aangesteld als aanspreekpunt voor bewoners in een wijk. De gemeente was daar volgens wethouder De Prez over in gesprek met de studentenverenigingen, maar die gesprekken lagen stil.

Aan het begin van het debat lieten twee insprekers namens de studentenverenigingen weten dat ze een meet actieve bijdrage van de gemeente en verhuurders verwachten en breed gedragen ambassadeurs. De wethouder zei blij te zijn met die uitspraak, omdat daaruit begreep dat er weer verder gesproken kan worden.

STIP zei teleurgesteld te zijn dat die ambassadeurs er nog niet waren en dat het college van plan is om ze niet in heel de stad, maar in enkele delen van de stad aan te stellen. Wethouder De Prez beaamde dat. Hij noemde de binnenstad, Hof van Delft, Voorhof en Wippolder als gebieden waar ambassadeurs een aanspreekpunt kunnen zijn omdat daar veel studenten wonen. In delen van de stad waar geen studenten wonen, heeft het aanstellen van ambassadeurs volgens de wethouder geen zin.

D66 was niet tevreden met de manier waarop het college de verhuurders informeert over overlast beperkende maatregelen die niet in beleidsregels kunnen worden gevat, zoals voorzieningen in woningen voor fietsen of afval. Stadsbelangen Delft vindt dat de huurders daar zelf verantwoordelijk voor zijn, maar D66 wees op de verantwoordelijkheid van de verhuurders. Geen fietsen of afval op straat kan volgens D66 een hoop ergernis in de buurt schelen, maar dan moet de gemeente daar wel duidelijk informatie over geven. De wethouder vindt de link naar de Woonwet voldoende. Volgens hem is daar alle beschikbare en relevante informatie voor verhuurders te vinden.

De ChristenUnie zei blij te zijn met de invoering van de omzettingsvergunning en de handhaving daarop. De fractie sprak haar zorg uit over de leefbaarheidstoets, waarvan het lijkt dat die gaat leiden tot meer klachten over overlast. De ChristenUnie bepleitte een meer objectieve toets, Wethouder De Prez verzekerde dat in die toets niet alleen de informatie van de ambassadeurs wordt betrokken, maar ook breed wordt gekeken naar statistische gegevens en de ervaringen van de wijkagent in een buurt.

Inkoop Wmo

De fracties van de ChristenUnie en het CDA hielden tijdens de bespreking van de H4 Inkoopstrategie Wmo 2019 een betoog om de aanbesteding voor Wmo-zorg in de gemeenten Delft, Rijswijk, Westland en Midden-Delfland uit te stellen of desnoods eerst een pilot te doen. De strategie vraagt van cliënten dat ze hun eigen zorgplan opstellen en daarnaast krijgen Wmo-aanbieders en cliënten meer ruimte om te doen wat nodig is om het gewenste resultaat te bereiken. Dat is volgens de ChristenUnie een omwenteling in denken, doen en financiering. De ChristenUnie betwijfelt of aanbieders voor deze manier van werken klaar zijn. STIP bepleitte in plaats van Europees aanbesteden het Zeeuwse model waar naast grote ook kleine zorgaanbieders meedoen.

Wethouder De Prez legde uit dat in de resultaat gerichte bekostiging mensen centraal staan en wordt gekeken naar wat ze echt nodig hebben. Daar zijn volgens de wethouder kanttekeningen bij te maken, maar hij verzekerde de commissie dat het model niet in een klap maar gefaseerd wordt ingevoerd. Hij ziet binnen de nieuwe strategie ook ruimte voor kleine aanbieders via de pgb’s en onderaanbesteding. De wethouder zegde toe dat de raad na de aanbesteding een brief van het college krijgt met informatie over cliëntondersteuning, eigen bijdrage, 18-/18+ en de betrokkenheid van de raad bij de monitoring.

VVD, D66 en PvdA lieten weten positief te staan tegenover de nieuwe inkoopstrategie. GroenLinks en Onafhankelijk Delft uitten hun twijfels. De ChristenUnie en Onafhankelijk Delft gaan in hun fracties bespreken of ze bij dit onderwerp in de raadsvergadering op 24 april moties indienen.

Toegankelijkheid

Het toekomstige Van Leeuwenhoekpark in de Spoorzone wordt zo ingericht dat mensen met een beperking er geen enkel obstakel tegenkomen. Het wordt daarmee een pilot waarin rekening wordt gehouden met de bevindingen die zijn opgedaan tijdens een onderzoek om de openbare ruimte in Delft beter toegankelijk te maken voor meerdere doelgroepen.

Nagenoeg alle fracties onderschreven het belang van een toegankelijke openbare ruimte, maar dat daarmee de motie Lokale inclusie agenda als afgedaan kon worden beschouwd vonden ze een hobbel te veel.

GroenLinks sprak van een mooie start met het park, maar de motie vroeg meer van het college. De raad wil ook dat de website van de gemeente toegankelijker wordt, dat baliemedewerkers van de gemeente taalachterstand herkennen en dat de horeca en winkeliers worden betrokken bij de inclusie agenda. D66 en VVD wilden van wethouder De Prez weten of naast het park ook de aanlegsteiger aan de Westsingelgracht geschikt wordt voor rolstoelers. PvdA en ChristenUnie pleitten voor het laten bloeien van een totale inclusie agenda. Onafhankelijk Delft zou het liefst de reclameborden op stoepen zien verdwijnen.

Wethouder De Prez zei dat de opstapplaatsen bij de gracht nog niet in de pilot zijn opgenomen. Hij beloofde wel te laten onderzoeken wat er nodig is om de aanlegsteigers rolstoeltoegankelijk te maken. Volgens de wethouder worden de bevindingen uit het toegankelijkheidsonderzoek meegenomen in de visie openbare ruimte en zal de beheersvisie die daarop volgt worden gebruikt om de openbare ruimte te verbeteren.