Commissie positief over verlengen starterslening

5 december 2018 – Een ruime meerderheid van de fracties heeft de raad in de overlegvergadering van de commissie Sociaal Domein en Wonen op dinsdag 4 december geadviseerd om akkoord te gaan met het verlengen van de verordening starterslening tot 1 januari 2020.

Sinds de invoering van de verordening in 2012 hielp de gemeente Delft 186 starters via de lening, die maximaal 30.000 euro bedraagt, bij het kopen van het eerste huis. De ChristenUnie herinnerde de commissie eraan dat de regeling destijds werd ingevoerd om de verkoop van woningen in de Harnaschpolder op gang te brengen en later om de doorstroming op de huizenmarkt in heel Delft te stimuleren.

De ChristenUnie drong bij wethouder Karin Schrederhof aan op een degelijke evaluatie van de regeling, omdat die bij het voorstel ontbrak. Ook andere fracties vroegen om meer inzicht in het effect van de starterslening op de Delftse woningmarkt. Dat effect zou volgens de VVD weleens erg negatief kunnen zijn voor de onder meer de huizenprijzen in Delft. De VVD kondigde aan dat die partij in de raadsvergadering op donderdag 21 december tegen het verlengen van de verordening gaat stemmen. De VVD betoogde dat er sinds 2012 veel veranderd is op de woningmarkt. De woningmarkt zat op slot, maar dat is volgens de VVD nu niet meer het geval. De VVD vindt dat de gemeente niet voor kredietverstrekker moet spelen in een tijd dat het goed gaat met de huizenmarkt.

STIP, D66 en PvdA zeiden juist blij te zijn met de lening die starters een iets sterkere positie geeft op een woningmarkt vol concurrerende huizenkopers. Wat STIP betreft zou de verordening in plaats van met één jaar ook met twee jaar verlengd mogen worden. Volgens D66 hebben starters het nog steeds zwaar op de woningmarkt en zijn er in Delft weinig betaalbare woningen voor hen te vinden. Dat is volgens het CDA een goede reden om ook bij de vaststelling van het toekomstige bestuursprogramma te kijken naar de beschikbaarheid van betaalbare woningen. GroenLinks sloot zich aan bij de woorden van D66. Die fractie drong daarnaast eveneens aan op een evaluatie bij de volgende verlenging. Dat deed Stadsbelangen Delft ook. De SP zei in 2012 schoorvoetend te hebben ingestemd met de regeling die volgens die fractie het gebrek aan betaalbare woningen in Delft bloot legt.

Wethouder Schrederhof beloofde de commissie volgend jaar met een evaluatie van de starterslening te komen. Het voorstel Verlengen en technische wijzigingen verordening starterslening is als hamerstuk toegevoegd aan de agenda van de komende raadsvergadering.

Stookkosten

De gemeente Delft heeft geen rol in de problematiek over de stookkosten in de Poptahof. Dat was de boodschap die wethouder Schrederhof had aan de commissie en de bewoners die namens de Actiegroep Stookkosten Poptahof hun inspreekminuten gebruikten om opnieuw steun te vragen aan de gemeente Delft nu Woonbron zich volgens de bewoners heeft teruggetrokken uit de gesprekken. Eerdere gesprekken tussen de huurders en de woningcorporatie leidden niet tot een oplossing voor de torenhoge stookkostenrekening. De huurders zijn inmiddels een in-gebreke-procedure bij de huurcommissie gestart. Een goede stap, aldus de wethouder, omdat de huurcommissie wettelijk meer voor de bewoners kan betekenen dan de gemeente.

In het debat zetten onder meer de SP en het CDA vraagtekens bij dat standpunt. De hoge naheffingen voor de bewoners van de Poptahof zijn volgens de SP niet zo vreemd, want de wind waait in die wijk niet door de bomen, maar ook door de woningen. De SP wees de wethouder op het maatschappelijk verantwoord beleid van de gemeente en vroeg haar om in gesprek te gaan met Woonbron en te komen tot een visie op het verduurzamen van de Poptahof. Volgens het CDA zijn de bewoners de dupe van achterstallig onderhoud en krijgen ze daarvoor nu hoge rekeningen gepresenteerd. Als het aan Stadsbelangen Delft ligt, wordt de Poptahof een pilot om de verdere verduurzaming van de wijken in Delft te realiseren.

De coalitiepartijen GroenLinks, VVD en PvdA wezen op de beperkte rol die de wethouder en de gemeente in deze kwestie kunnen spelen. Ook D66 en de ChristenUnie wilden van de wethouder weten of er mogelijk toch nog middelen zijn om de kwestie vlot te trekken. De fracties wezen, net als de insprekers, ook op het Masterplan Poptahof, waarbij de gemeente en Woonbron afspraken hadden gemaakt over de woonkwaliteit in de wijk. Wethouder Schrederhof lichtte toe dat die afspraken met wederzijds goedvinden zijn opgezegd en dat er nu sprake is van de reguliere prestatieafspraken en regulier onderhoud. In het ergste geval zou de gemeente, volgens haar, een corporatie kunnen aanschrijven. Dan moet de staat van de woningen echter abominabel zijn. Van zo’n situatie is volgens de wethouder in de Poptahof geen sprake.

CDA en SP lieten weten teleurgesteld te zijn in de reactie van de wethouder. De SP kondigde aan in de komende raadsvergadering een motie in te dienen bij dit onderwerp. CDA en Onafhankelijk Delft gaan de kwestie verder in hun fracties bespreken.

Kostenstijging sociaal domein

Bij de bespreking van de raadsinformatiebrief van het college over de kostenstijging voor jeugdhulp en Wmo-zorg in Delft deelden de fracties hun standpunten om te komen tot kostenbeheersing en behoud van kwalitatieve zorg binnen het sociaal domein. In Delft laat de prognose 2018 voor jeugdhulp en Wmo een stijging zien van 4,6 miljoen.  De stijging is volgens het college vooral toe te schrijven aan zowel jeugdhulp als voor begeleiding/dagbesteding Wmo en maatschappelijke opvang.

De fracties van ChristenUnie, GroenLinks en CDA hadden om bespreking van de brief gevraagd om met de wethouders Karin Schrederhof (Wmo) en Hatte van der Woude (Jeugdhulp) van gedachten te wisselen over de maatregelen die het college wil nemen om meer grip op de kosten te krijgen. De kostenstijging in de Wmo valt volgens het CDA eenvoudig te verklaren, omdat het aantal ouderen toeneemt en ook de zorg die mensen thuis nodig hebben, omdat mensen langer zelfstandig blijven wonen. Het CDA waarschuwde de wethouders voor de tendens in de jeugdhulp dat lichte hulp snel zware zorg  wordt, terwijl dat niet altijd nodig is.

Volgens GroenLinks moet het college bij tekorten in het sociaal domein aankloppen bij het Rijk. De ChristenUnie wilde weten wat de raad gaat zien van de maatregelen die het college neemt om de kosten binnen de perken te houden.

Wethouder Van der Woude liet onder meer weten dat ze in gesprek is in de regio met de tien grootste aanbieders van jeugdhulp. Daarbij zijn de aanbieders onder meer gewezen op hun declaratiegedrag. Gemeenten worden vaak laat nadat de hulp is gegeven, geconfronteerd met de kosten. Daarnaast wees ze op de afspraken die voortvloeien uit het Actieplan Sociaal Domein. In 2019 komt er een update van dit plan dat moet leiden tot meer inzicht in de ontwikkelingen in het Sociaal Domein, inzicht in de financiële consequenties en meer grip en sturing via een strategische aanpak voor de komende drie jaar. De wethouders verwachten ook dat resultaatsturing, vanaf volgend jaar voor Wmo Begeleiding en Hulp bij het Huishouden en vanaf 2020 voor Jeugdhulp, bijdraagt aan de balans in het sociaal domein tussen kwaliteit, innovatie en budget.

D66, STIP, PvdA en Stadsbelangen reageerden tevreden op de toelichting van de wethouders. Ook de VVD zei blij te zijn met de acties van het college, maar vroeg ook kritisch te kijken naar wie zorg nodig heeft en naar wie geen zorg nodig heeft.

Statushouders

Diverse aandachtspunten werden door de fracties naar voren gebracht bij de bespreking van de  Halfjaarrapportage aanpak statushouders. De rapportage omvat feiten en cijfers die betrekking hebben op zaken als huisvesting, taal, integratie en participatie. Van de 142 statushouders die de gemeente Delft dit jaar moet huisvesten, hebben er inmiddels 120 een woning.

De rapportage gaat ook kort in op de stelselherziening, waarbij anders dan nu gemeenten zelf een grotere verantwoordelijkheid krijgen om asielzoekers met een verblijfsvergunning te helpen bij het leren van de taal en het vinden van werk.

Verschillende fracties vroegen wethouder Van der Woude om wat meer duiding van de cijfers in de rapportage. GroenLinks vroeg onder meer aandacht voor de positie van vrouwelijke statushouders. D66 had graag gezien hoe Delft het in vergelijking met andere gemeenten doet. De ChristenUnie wees op de betrokkenheid van maatschappelijke organisaties. De fractie van het CDA wilde weten hoe Delft het nieuwe beleid voorbereidt. De VVD wees op de rechten én plichten van statushouders en benadrukte dat inburgeren een plicht is.

STIP constateerde tevreden dat de maatschappelijke begeleiding van statushouders is verlengd. De fractie zei signalen te horen dat er meer statushouders behoefte hebben aan langere begeleiding. STIP wees daarbij naar Amsterdam waar statushouders zo nodig drie jaar begeleiding krijgen. Ook Stadsbelangen Delft vroeg aandacht voor de duur van de begeleiding. Volgens die fractie is het onmogelijk dat statushouders binnen zes maanden een huis en een baan vinden. Maar net als de VVD vindt Stadsbelangen Delft dat statushouders dezelfde rechten en plichten hebben als alle Delftenaren. De SP wees op het belang van een goed woningaanbod, met name huizen voor grote gezinnen.

Wethouder Van der Woude legde uit dat de gemeente samen met betrokken organisaties programmatisch werkt aan de integratie van statushouders in Delft. Delft zet daarbij volgens Van der Woude sterk in op werk. De gemeente heeft geen invloed op het taaltraject, maar daar gaat met de stelselherziening verandering in komen.

Volgens de wethouder zet Delft in het nieuwe systeem vanaf dag één in op werk en taal. De minister komt binnenkort met uitwerkingsvoorstellen. Hoeveel geld de gemeente krijgt voor het nieuwe beleid is nog niet bekend. Wethouder Van der Woude liet weten dat het huidige beleid in 2019 wordt voortgezet en dat de nieuwe aanpak in gang wordt gezet in samenwerking met de lokale partners. Een meerderheid van de fracties in de commissie liet aan het eind van het debat weten dat het college voortaan kan volstaan met een jaarlijkse rapportage over de statushouders.

Verordening

In de procedurevergadering besloot de commissie de behandeling van het gewijzigde voorstel Verordening maatschappelijke ondersteuning Delft 2019 door te schuiven naar de  overlegvergadering op donderdag 13 december.

Pagina opties