Commissie neemt de tijd voor mobiliteitsplan

17 juni 2020 – in een extra vergadering heeft de commissie Ruimte en Verkeer op dinsdag 16 juni ruim drieënhalf uur gedebatteerd over het concept Mobiliteitsplan Delft 2040. Het was niet alleen één van de langste debatten ooit over één onderwerp in de raadszaal, maar volgens D66 ook één van de ‘meest constructieve’. Met 2040 als verre stip aan de horizon lieten de fracties hun ideeën de vrije loop over hoe Delft in de toekomst (nog meer) duurzaam, mobiel, bereikbaar en leefbaar kan blijven.

Het college stelt in het Mobiliteitsplan Delft 2040 dat Delft zich de komende 20 jaar verder blijft ontwikkelen en de ambitie heeft om tot 2040 15.000 woningen en 10.000 banen toe te voegen. Dat betekent dat de beschikbare openbare ruimte meer en meer onder druk komt te staan om de stad leefbaar en bereikbaar te houden. Volgens het college is het de uitdaging voor het mobiliteitsbeleid om de ambities voor een leefbare en bereikbare stad bij elkaar te brengen in een juiste balans. Het conceptplan is nog niet gereed. Na het debat in de commissie krijgt de stad de komende maanden de kans om te reageren op het plan en de voorgestelde acties. De raad zal het Mobiliteitsplan Delft 2040 eind dit jaar kunnen vaststellen.

Parkeertransitie                  

Eén van de onderdelen in het plan is de actualisering van het parkeerbeleid. Het college wil dit op onderdelen aanscherpen, want volgens het college zijn er keuzes nodig in hoeveel ruimte de auto krijgt. Met het voorstel Parkeertransitie zegt het college de parkeergarages optimaal te willen benutten, meer duidelijkheid op straat te willen creëren met eenduidige parkeerregimes en parkeerproblemen te willen voorkomen door proactief te reageren.

Dit voorstel maakte de afgelopen dagen veel los in de stad. Tientallen bewoners, ondernemers en organisaties deelden hun mening schriftelijk met de commissie en negen Delftenaren maakten donderdagavond gebruik van een digitaal inspreekuur om hun standpunten te laten horen. De eigenaar van Gasterij ’t Karrewiel op de Paardenmarkt zei op hulp te hopen om zijn bezoekers goedkoper te kunnen laten parkeren. De verhoging van de straattarieven bleek ook een probleem voor de bowlingvereniging die in ’t Karrewiel actief is. De 37 jaar oude club zag het ledental na de invoering van betaald parkeren in de binnenstad dalen van 350 naar de huidige 110. De voorzitter vreest voor het voorbestaan van de vereniging omdat parkeren in de dichtstbijzijnde parkeergarage betekent dat de leden ruim tien minuten met hun zware bowlingballen moeten lopen.

De Bedrijvenkring Schieoevers zei verbaasd te zijn over de snelheid waarmee de raad een besluit moet nemen over dit voorstel. Ondernemersfonds Voorhof is niet blij dat de aansluiting van de Martinus Nijhofflaan op de Beatrixlaan en het Delflandplein op de lange baan zijn geschoven. Het versmallen van de Voorhofdreef maakt de ondernemers naar eigen zeggen minder bereikbaar. Het Gebiedsfonds Delft Techpark sprak over gemiste kansen en riep de commissie en de wethouder op om het mobiliteitsplan aan te grijpen om in contact te komen met ondernemers over hun mobiliteitsbehoefte. Behoud Stadsschoon riep de commissie op om bij een uitbreiding van het autoluwe gebied in de binnenstad eerst de Gasthuisplaats aan te pakken. Belangenvereniging Olofsbuurt-Westerkwartier zei namens de bewoners uit parkeergebied C minder blij te zijn met het duurder maken van het straatparkeren. Een bewoner van de Gasthuislaan vroeg zich af welk probleem er wordt opgelost als geparkeerde auto’s op straat geen probleem zijn, maar juist rijdend verkeer. Hij vroeg zich af waarom de bewoners niet gehoord zijn. De Stichting Centrum Management Delft sprak over onduidelijke communicatie en vroeg aandacht voor enkele zaken die volgens de stichting ontbreken in het voorstel, zoals voldoende bewonersplekken in de parkeergarages en fietsparkeren.

Hun input en de vele reacties die op het voorstel naar de raad zijn gestuurd, kunnen de fracties betrekken bij het debat dat de commissie in een extra vergadering houdt op dinsdag 30 juni.

Mobiliteitsplan                                                                                                                        

De fracties legden in het debat over het mobiliteitsplan vooral de nadruk op de punten die zij onderbelicht vinden in het concept. GroenLinks zei het positief te vinden dat het college het autoverkeer in Delft wil terugdringen en dat de dominantie van de auto voorbij is. Volgens GroenLinks kunnen mobiliteithubs met deelauto’s en andere vormen van vervoer een bijdrage leveren aan de vervoersarmoede in bestaande wijken. GroenLinks constateerde ook dat de voetganger op de eerste plaats staat in de binnenstad, maar volgens die fractie zou dat ook in wijken moeten gelden. GroenLinks wees daarbij op de mogelijkheid om de groengebieden rond de stad als wandelgebied in te richten. Op stadsniveau zet GroenLinks de fietser op één, maar fietsroutes zouden slimmer en niet altijd langs autoroutes hoeven te liggen. De fractie zei blij te zijn met het plan dat een solide basis vormt voor de mobiliteit in Delft in de komende decennia.

De PvdA vroeg aandacht voor de kwetsbare verkeersdeelnemers, verkeersveiligheid en een bredere kijk op het ontwikkelen van een mobiliteitsvisie. Volgens die fractie is het conceptplan opgesteld met een verkeerskundige blik en is vooral gekeken naar problemen en oplossingen. De PvdA-fractie vroeg wethouder Martina Huijsmans om een open blik. De PvdA zette ook een vraagteken bij het speerpunt om in Delft de auto terug te dringen, terwijl Delft landelijk gezien per inwoner een laag autobezit heeft. Om van Delft een nog grotere fietsstad te maken is het volgens de PvdA ook noodzakelijk te kijken naar verkeersveiligheid en het gedrag van fietsers. De PvdA bepleitte ook om de uitvoering van het plan de komende jaren goed te monitoren.

Groep Stoelinga miste bij de 22 projecten die het college heeft opgenomen in een uitvoeringsplan voor dit en komend jaar de realisatie van de Rode Loper en de Gasthuisplaats. Ook vroeg die fractie zich af welke weggebruiker er nu door wethouder Huijsmans op één wordt gezet; de voetganger of de fietser. Onafhankelijk Delft vroeg aandacht voor ruimte voor mensen die slecht ter been zijn. Voor het CDA was het niet helemaal duidelijk wat het college wil doen met alle zienswijzen en reacties die de komende tijd uit de stad komen. De CDA-fractie stelde ook vast dat de binnenstad 127 keer in het mobiliteitsplan wordt vermeld en de Buitenhof drie keer. De fractie pleitte voor maatwerk en herinnerde de wethouder aan de motie om brommers en scooters te weren. Volgens het CDA zou ook beter nagedacht moeten worden over de verkeersveiligheid op fietspaden en gaan scooters van het fietspad af en de rijbaan op.

De SP zei in het gigantische document veel woorden en vaagheden te lezen. Volgens de SP lijkt het autobezit het nieuwe roken te worden. Dat door goed openbaar vervoer de auto minder noodzakelijk is, staat voor de SP buiten kijf, maar goed openbaar vervoer is volgens die fractie een politieke keuze en er zijn in het verleden andere keuzes gemaakt waar de SP geen voorstander van was. Wat de SP betreft moeten de bewoners meer zeggenschap krijgen bij het proactief reguleren door het college van parkeren, moeten buitenlandse studenten fietsles krijgen en wordt het tijd om op slimme manieren de wachttijden bij stoplichten aan te passen aan de omstandigheden. De SP zou ook liever zien dat het mobiliteitsplan na de verkiezingen in 2022 voor de nieuwe raad wordt vastgesteld.

Ook D66 sprak over een lijvig stuk waar die fractie lang naar heeft uitgekeken. Die fractie nodigde opnieuw andere partijen uit om samen een voorstel te maken over de inclusiviteit van de openbare ruimte. Daarnaast vroeg D66 aandacht voor de inrichting van stoepen die ook veilig moeten zijn voor mensen die slecht ter been zijn. D66 vindt het ook belangrijk dat bewoners meedenken over de inrichting van hun straat. Stadsbelangen Delft wees onder meer op de autoluwe binnenstad die volgens die fractie compleet lek is. Stadsbelangen Delft sprak over een actueel probleem dat nu moet worden opgelost. Daarnaast pleitte de fractie voor een onderzoek naar de mogelijkheid van één grote fietsenstalling in de binnenstad van Delft. STIP zei op hoofdlijnen tevreden te zijn met het concept mobiliteitsplan. Als in een meer autoluwe binnenstad de voetganger op één komt te staan, mag er wat STIP betreft ook een doorgaande fietsroute komen in de binnenstad. STIP is ook voor meer groen en minder parkeerplekken in de wijken en voor het proactief reguleren door het college. Daarnaast vroeg STIP aandacht voor de verbindingen tussen het station Delft Campus, Schieoevers en het zuidelijke deel van de TU-campus en net als de PvdA vroeg STIP aan wethouder Huijsmans om de voortgang van het plan de komende jaren goed in de gaten te houden aan de hand van meetbare doelen.

De VVD had voor wethouder Huijsmans een tienpuntenlijst die volgens die fractie nadere uitwerking verdient. De VVD vroeg onder meer aandacht voor het fietsparkeren, het instellen van een milieuzone, het aanpassen van de maximum snelheden, het wegnemen van belemmeringen in het autonetwerk, mobiliteitshubs, het ov- en fietsknooppunt bij Delft Campus, maatwerk in de parkeernomen en vervoer over water. Het idee van Stadsbelangen Delft om in de binnenstad de mogelijkheid van een fietsenstalling te onderzoeken werd gesteund door de VVD. De ChristenUnie constateerde tevreden dat het college in het plan de voetganger op één zet en vroeg net als de VVD aandacht voor vervoer over water en maatwerk bij het toepassen van de parkeernormen. Volgens de ChristenUnie is het noodzakelijk dat bewoners kunnen meepraten over het openbaar vervoer en over het parkeren in de wijken.

Procedure

Wethouder Huijsmans lichtte in haar reactie op de inbreng van de fracties onder meer de procedure rond het mobiliteitsplan  toe. Het concept wordt ter inzage gelegd, zodat de stad erop kan reageren. Ze zei alle aandachtspunten, opmerkingen en ideeën uit de commissie ook mee te nemen in de verdere uitwerking van het plan dat eind dit jaar aan de raad ter vaststelling wordt voorgelegd. Ook beaamde ze het belang van het monitoren van de voortgang maar ze vond het nog te vroeg om daar nu al indicatoren voor te benoemen.

De wethouder  zegde toe dat het college na de zomer de raad informeert over de aanleg van de Rode Loper. Daarvoor wordt op dit moment met de Stichting Centrum Management Delft een plan uitgewerkt. Ze verwacht de raad na de zomer ook verder te kunnen informeren over de afspraken die worden gemaakt met de aanbieders van deelvervoer. De fractie van STIP liet aan het eind van het debat weten een motie te overwegen, waardoor dit onderwerp terugkomt in de raadsvergadering op donderdag 9 juli.

Hamerstuk

Het voorstel Renovatie Hoogbrug werd in deze commissievergadering na een kort debat als hamerstuk toegevoegd aan de agenda van de raadsvergadering op 9 juli. Een ruime meerderheid in de commissie kon zich vinden in de keuze van het college om de brug zo op te knappen dat die ook toegankelijk is voor hulpdiensten.

Eerder had de commissie in de procedurevergadering van 9 juni jl. al besloten om het voorstel Definitieve verklaring van geen bedenkingen voor acht appartementen Jordaniëstraat als hamerstuk door de raad op 9 juli vast te laten stellen.

Evaluatie

Door de lengte van het debat over het mobiliteitsplan kwam de commissie rond middernacht niet meer toe aan de bespreking van de collegebrief met als onderwerp Afdoening motie 26 en toezegging 19-22 Evaluatie 'Grip op Grondstoffen'. De bespreking van die brief is doorgeschoven naar de extra commissievergadering op dinsdag 30 juni.

Pagina opties