... Actueel Commissie wil vinger aan pols houden in stationsgebied

Commissie wil vinger aan pols houden in stationsgebied

8 september 2017 – In de overlegvergadering van de commissie Economie, Financiën en Bestuur heeft burgemeester Marja van Bijsterveldt beloofd dat over twee jaar een, in principe, afrondend onderzoek wordt gedaan naar de veiligheidsbeleving van bezoekers op en rond het stationsgebied. Diverse fracties drongen daar bij de portefeuillehouder op aan, omdat ze het nog te vroeg vinden om na de meting van dit jaar het station en omgeving te beschouwen als een regulier gebied.  

De commissie kreeg de toezegging van de burgemeester tijdens de bespreking van de zevende meting Veiligheidsbeleving op en rond station Delft. De gemeente Delft begon met de tweejaarlijkse onderzoeken in 2004. Uit de evaluatie komt naar voren dat gaandeweg de situatie behoorlijk is verbeterd. In 2017 is het aantal bezoekers dat het stationsgebied bestempelt als een niet-onveilige plek gestegen naar 80%.

Cameratoezicht

De VVD schreef dat verbeterde veiligheidsgevoel toe aan de aanwezigheid van camera’s. Dat er bij de bovengrondse fietsenstalling geen camera’s staan, is een zorgpunt voor de fractie. Temeer omdat er van de 1.500 fietsen die in Delft werden gestolen, er 250 bij het station stonden gestald. STIP en GroenLinks plaatsten vraagtekens bij het verband tussen cameratoezicht en fietsendiefstallen. De VVD vroeg of handhavers de aandacht meer op de fietsen kunnen richten en drong aan op blijvend onderzoek naar de veiligheid.

Stadsbelangen Delft deelde die wens. Ook, omdat er volgens de fractie de afgelopen jaren veel in het gebied is veranderd, waardoor de onderzoeken moeilijk met elkaar te vergelijken zijn. Van Stadsbelangen Delft mag ook het stationsplein ’s avonds beter verlicht worden en moet het zwerfvuil beter worden opgeruimd.

Ook D66 zei vooralsnog geen reden te zien om te stoppen met meten. De fractie vindt het prachtig dat de veiligheidsbeleving sterk verbeterd is, maar uitte ook haar zorg over het hoge aantal fietsendiefstallen in Delft. Wat STIP betreft hoeft er geen nieuw onderzoek te komen, maar moeten de verbeterpunten uit de meting wel worden opgepakt.

Mannen

De PvdA vindt beperkter monitoren zinvol, omdat de gemeente op die manier een vinger aan de pols houdt. De fractie deed ook een oproep aan de mannen in Delft om hun fiets op de bovenste plekken in de stalling te zetten, zodat vrouwen hun fiets niet hoeven te tillen en onder in de rekken kunnen plaatsen. Het CDA toonde zich eveneens tevreden met het verbeterde veiligheidsgevoel en zei het ook een goed idee te vinden om te blijven monitoren.

GroenLinks zou liever zien dat de kosten van een nieuw onderzoek worden gestopt in de aanpak van fietsendiefstallen. De fractie verwees daarbij naar goede voorbeelden elders in het land.

Fractie Van Koppen zei te betreuren dat fietsendiefstal zo’n hardnekkig probleem blijft en liet weten voorstander te zijn van cameratoezicht.

Gericht meten

Burgemeester Van Bijsterveldt constateerde dat ze een overwegend positieve commissie had gehoord, waarin een meerderheid pleitte voor het gericht meten van die plekken in het gebied die minder scoren in de veiligheidsbeleving. Ze wees daarbij op de tramhalte, het stationsplein en de bovengrondse fietsenstalling. De burgemeester stelde voor het onderzoek te doen in combinatie met het Lokaal Veiligheidsarrangement (LVA) waarin de gemeente samen met NS, Prorail, Connexxion, HTM en politie de algemene (sociale) veiligheidssituatie monitort.

De suggestie van GroenLinks om het geld voor onderzoek te gebruiken voor de aanpak van fietsendiefstallen wees ze af, omdat er voor het onderzoek nog geen geld is vrij gemaakt. Daarnaast meldde de burgemeester dat wethouder Lennart Harpe naar de raad komt met een fietsplan, waarin ook de aanpak van fietsendiefstallen aandacht krijgt. In de commissie werd tevreden gereageerd op de toezegging van de burgemeester.

Metropoolregio

Bij de bespreking van de bestuurlijke stand van zaken in de Metropoolregio Rotterdam Den Haag stond de commissie stil bij de mogelijke komst van de Holland Outlet Mall in Zoetermeer en de voorgenomen uitbreiding van het winkeloppervlak in het stadshart van Zoetermeer. Een uitbreiding van 12.000 m2  winkelvloer in de binnenstad van Zoetermeer zou voor Delft volgens wethouder Ferrie Förster geen negatieve gevolgen hebben, maar een meerderheid in de commissie was daar nog niet zo zeker van.

Bij verschillende fracties leefde het idee dat Zoetermeer meer winkels in het stadshart wil als het outlet center er niet komt, maar volgens wethouder Förster gaat het om twee afzonderlijke voorstellen. Hij legde uit dat Zoetermeer sowieso het winkeloppervlak in de binnenstad wil uitbreiden en denkt aan een uitbreiding van de HOM met enkele honderden vierkante meter vloeroppervlak als dat plan ook doorgaat. Winkeliersorganisaties in Delft en de regio zien de komst van de HOM niet zitten en ook in de commissie werd kritisch op de plannen van Zoetermeer gereageerd.

Een ruime meerderheid van de fracties gaf de wethouder als boodschap mee voor het overleg in de MRDH dat Delft niet zonder meer positief is over de plannen van Zoetermeer om het winkeloppervlak uit te breiden. Het onderwerp wordt op 21 september verder besproken in de bestuurscommissie Economisch Vestigingsklimaat van de MRDH.

YES!Delft

Wethouder Förster is niet van plan om de bijdrage van 150.000 euro aan YES!Delft te verlagen. De gemeente Delft draagt dat bedrag als aandeelhouder jaarlijks bij aan de broedplaats voor beginnende starters in de kenniseconomie. De andere twee aandeelhouders TNO en TU Delft dragen jaarlijks ieder 150.000 en 250.000 euro bij. Nu Yes!Delft steeds succesvoller wordt, klinken er in de gemeenteraad steeds meer geluiden dat de gemeente de bijdrage op termijn zou moeten verminderen.

Bij de begrotingsbehandeling was die vraag eerder naar voren gekomen. Het college reageerde daarop met een brief over het Community Reinvestment Fund van YESIDelft. Om de bedrijfsvoering te verduurzamen vraagt YES!Delft een bijdrage van bedrijfjes die doorgroeien. Daarnaast legde de wethouder uit dat YES!Delft zoekt naar partners en projecten in de regio wil opzetten om geld binnen te halen.

CDA, GroenLinks en SP lieten in de overlegvergadering donderdagavond weten dat het tijd wordt dat YES!Delft op eigen benen gaat staan. De SP maakte daarbij de vergelijking met de kinderboerderij en de waterspeeltuin waar de gemeente ook de geldkraan dichtdraaide om ze te verzelfstandigen. Geld dat niet naar YES!Delft gaat zou de gemeente volgens GroenLinks kunnen gebruiken om andere duurzame en innovatieve projecten in de stad te stimuleren.

Wethouder Förster zei dat het wel de intentie van de gemeente is om de bijdrage op termijn te verminderen, maar dat het daar nu nog te vroeg voor is. Daarnaast hebben de drie aandeelhouders afgesproken dat ze samen optrekken. De wethouder kreeg bijval van STIP, D66 en Fractie Van Koppen. Een hogere bijdrage vragen aan startups, zoals de VVD voorstelde, is volgens de wethouder lastig, omdat de bijdrage is afgestemd op de groei van beginnende bedrijfjes. Daarmee had de wethouder de toezegging om meer uitleg te geven over het  Community Reinvestment Fund afgedaan.

Museum Prinsenhof

De inhoudelijke toekomstvisie van Museum Prinsenhof Delft die aanvankelijk op de agenda van de overlegvergadering stond, werd door de commissie in de procedurevergadering doorgeschoven naar volgende maand. Dat gebeurde naar aanleiding van een voorstel van de fracties van CDA, CU, D66, VVD, Stadsbelangen Delft en Fractie Van Koppen. Zij vinden dat er in de inhoudelijke visie ambities staan, bijvoorbeeld huisvesting en tentoonstellingen, die gerelateerd zijn aan een nog niet beschikbare ruimtelijke visie van het museum en daarmee gepaard gaande kosten. Indien het college de ruimtelijke visie de komende weken naar de raad stuurt, zal de commissie beide visies bespreken in de overlegvergadering van 5 oktober.